de Leeuw

Home
Geschiedenis
Tijger
Leeuw
Lynx
Poema
Tijgerkat
Manoel Ocelot/Serval
Caracal

Uiterlijk:

De mannetjes en de vrouwtjes kan je herkennen door de manen rond de nek van het mannetje. De manen geven geen extra gewicht waardoor de leeuw zich nog soepel kan bewegen. De manen hebben ook als functie om de leeuw te beschermen tegen klauwen, kaken enz. De manen bereiken een haarlengte van 25 cm. Op het eind van hun staart zit een pluim. De pluim heeft als functie om vliegenmepper, voor het behouden van het evenwicht en om gevoelens uit te drukken. Leeuwen hebben meestal een vacht, deze is kort met schutkleur de kleur is meestal goudbruin. Er zijn ook enkele uitzonderingen de zogenaamde witte leeuwen. Deze leeuwen komen weinig voor omdat de witte vacht van een leeuw er op wijs dat er een aantal dingen missen. Leeuwen lopen altijd om hun tenen. De tanden bestaan uit lange hoektanden voor een dodelijke nekbeet. De kiezen zijn geknipt om stukken vlees mee af te bijten. Doordat de leeuw hun ogen iets uit elkaar heeft staan, kunnen ze goed inschatten hoe ver iets is. Hun ogen zijn geschikt om ’s nachts en overdag te zien. Overdag zien leeuwen net zo goed als mensen. ’s Nachts kunnen ze net als katten ook goed zien. Ondanks ze ’s nachts wel goed kunnen zien hebben leeuwen niet zoals katten ovale maar ronde pupillen. De kleur ogen varieert van goud tot kastanjebruin, afhankelijk van de ouderdom van de leeuw en de lichtinval. Bij de geboorte zijn ze blauw.

 

Leefomgeving:

De leeuw leeft vooral in de savanne van Afrika.

De jongen:

In de paartijd verlaat het mannetje met één van de vrouwtjes de groep. Dagenlang blijven ze bij elkaar. Ze paren soms wel dertig keer op een dag. Na iets langer dan drie maanden worden de jongen geboren, meestal twee, drie of vier. De leeuwin werpt haar jongen buiten de groep, op een veilige plaats tussen de struiken. De jongen drinken melk. Als de leeuwin op jacht gaat, blijven de welpjes alleen achter. Hyena's en andere roofdieren loeren nog wel eens op zo'n nestje. Het is dus een gevaarlijke tijd voor de welpen. Zodra de welpen kunnen lopen, gaat de familie terug naar de groep. Soms is er nog een leeuwin met welpen. Want de leeuw paart met alle vrouwtjes uit de groep. Alle leeuwinnen zorgen voor de jongen. Ook de vrouwtjes zonder welpen likken de jongen en beschermen ze. De jongen zijn heel speels. Ze rollen over elkaar heen en laten ook hun vader en moeder niet met rust. Na drie maanden, als ze groot genoeg zijn, mogen ze mee op jacht. Na twee jaar kunnen ze op eigen benen staan. Dan worden ze uit de groep verstoten en moeten ze voor zichzelf zorgen.

Voedsel:

Een leeuw kan wel 20 tot 30 kilo vlees in 1x op dat is meer dan een halve koe maar daarna eet hij 3 dagen niks meer. Ze eten bijvoorbeeld: antilopen, zebra’s, gnoes en wrattenzwijnen.

Bedreiging: 

Vroeger kwam de leeuw op vele plaatsen voor, zelfs in Zuid Europa. Maar er omdat er zo erg veel jacht op het dier werd gemaakt, stierf het gauw op vele plaatsen uit. Je kunt een leeuw beschermen door: reservaten op te kopen, daar streng controleren of er geen jacht op het dier wordt gemaakt en een hek er omheen zetten dat ze niet weglopen en bij de stropers weer in de buurt komen. De reservaten zijn vaak erg groot, vaak wel groter dan Nederland. De leeuw leeft op dit moment nog alleen maar in India en in Afrika.